Gudy's profileGudy Rooijakkers reisfot...PhotosBlogListsMore Tools Help

Blog


    July 22

    Fietsen in Libanon (2003)

    Fietsen in Libanon

    Een verscheurd land met grote verschillen

     

    “Libanon, ik heb je lief mijn land”, zong de legendarische zangeres Feiruz ooit. Zullen wij dat ook vinden? We fietsen richting Beiroet. Naast de toeterende auto’s op de snelweg fietsen we ook langs vele billboards. De ene keer zie je Ayatollah Khomeini afgebeeld en de andere keer in bikini geklede dames. Wij vragen ons af in welk land we zijn aangekomen.

     

    Vermoord?

    We zijn er al snel achter dat het aan de kust hinderlijk druk is voor fietsers en we besluiten de bergen in te gaan. Het klimmen gaat moeizaam, want de wegen zijn erg steil. We worden bijgestaan door de vele beeldjes van Jezus die we langs de kant van de weg zien en af en toe roept er iemand “God bless you”. In het Christelijk dorp Qartaba worden we getrakteerd op een aantal pizza’s en cola. Met volle buiken fietsen we Afqa in. Overal hangen posters van Ajatollah Khomeini en andere religieuze leiders. In Afqa ligt de beroemde grot van Adonis. Volgens de Griekse legende zijn hier Adonis en Aphrodite elkaars geliefden geworden. Afrodites man werd jaloers en doodde de mooie Adonis. In dit dorp is niet alleen Adonis gedood, maar ook vier dagen geleden een shiietische moslim. Hij werd vermoord om religieuze motieven. Deze dag is de begrafenis en het dorp hangt vol met zwarte vlaggen. Er loopt veel politie op straat. De eerste druppels van een stevige onweersbui vallen naar beneden. Sohar, alias “mamma Susu” is onze reddende engel. Mama Susu is shiiet en weduwe en voor haar is iedereen gelijk ongeacht welk geloof. Zij kookt een heerlijke maaltijd voor ons en we blijven overnachten. De dag erop klimmen we naar het skigebied Laqlouq, wat op 1900 meter hoogte ligt. Dezelfde avond vinden we een mooie wildkampeerplek vlakbij de beroemde cederbossen van het land. We koken ons eigen potje en we hebben weer even rust.

     

    Palestijnen en Pyama’s

    Ten noorden van Tripoli stoppen we in een armoedig dorp. Een moment later komen we erachter dat we in een Palestijns vluchtelingenkamp zitten. “Ik wil sterven voor mijn land”. Emotioneel verteld een man hoe de situatie in het kamp is. “We werden 50 jaar geleden verjaagd met het idee dat ze na een maand oorlog weer naar huis konden terugkeren”, jammerde de man. Bijna iedere familie heeft nog een sleutel van zijn huis in Israel, hoopvol wachten ze op hun terugkeer. We verlaten het kamp met een rot gevoel. De weg stijgt geleidelijk. De auto's worden steeds ouder maar ook minder in aantal. “Where are you going” een auto stopt en de chauffeur draagt een cowboyhoed naast hem zit een man met een arafatdoek. “Naar Qubaiat” vertelt John. Dit is een Christelijk dorp omgeven door islamitische dorpen. We vragen hier naar een hotel, maar de mensen sturen ons naar een klooster. De weg kunnen we niet vinden, want het wordt al donker. We stranden bij het huis van Albert en Lodi. We mogen hier slapen en douchen. Voor mij ligt er een lichtblauwe pyama klaar met grote bloemen. Albert nodigt ons uit om een stukje te gaan rijden met zijn auto. De auto is zijn trots, Lodi, ik en de twee kinderen stappen gekleed in pyama in de auto. We gaan eten halen en we genieten van de mooie verlichte dorpen in de bergen. De nacht is onrustig. We slapen in de huiskamer en we worden aangevallen door tientallen muggen. Albert, ex-militair waarschuwt ons de volgende dag voor zijn voormalige vijand, de Shiieten in de Bekaa vallei.

     

    Hezbollahland

    Na flink klimmen in het kalksteengebergte, dalen we af naar Hezbollahland (de Bekaavallei). Ayatollah Khomeini lacht ons vriendelijk toe. In Hermel wapperen gele vlaggen met een vuist en een Kalashnikov, het symbool van de Hezbollah. Hermel is bekend om zijn 2500 jaar oude pyramide. Het is een mysterieus bouwwerk waar niemand de oorsprong van weet. Overdag is het in de Bekaavallei 35 graden in de schaduw en dorstig bereiken we Baalbek. De Romeinse historicus Plinius zei ooit: “Wij maken grote reizen om dingen te zien waarop wij in onze woonplaats geen acht slaan”. Wij voelen ons gelukkig om hier te zijn met de fiets. De stad Baalbek is na de verovering van Alexander de Grote Heliopolis genoemd. De naam betekend ook wel stad van de Zon en ook de Romeinen gebruikten deze naam. De drie tempels, Venus, Bachus, Jupiter zijn een van de grootste en mooist gedecorreerde tempels ter wereld. ‘s Avonds zien we de zon ondergaan tussen de tempels. De hemel is roze rood gekleurd. We horen plotseling veel getoeter. “Het is vrijdag” roept iemand ons toe. Veel moslims trouwen op vrijdag en maken dan veel herrie.

     

    Druzengebergte

    Na Baalbeck fietsen we langs sloppenwijken. Hier leven de Syrische gastarbeiders, die in hutten wonen gemaakt van jute en karton en hout. “We gaan op druzenjacht”,zegt John ineens tegen mij. De Druzen wonen voornamelijk in het Chouf gebergte in het zuiden van Libanon. We hebben de wens een oude Druus op de foto te nemen. De mannen zijn traditioneel gekleed en dragen een “drollenvanger”, een arabische broek waarvan het kruis tussen de knieen hangt. Op hun hoofd dragen een fez omwikkeld met een witte tulband en ze hebben een lange witte baard. Ze hebben maar een slechte eigenschap; ze willen niet op de foto! In Gharife ontmoeten we de Khamal die ons uitnodigt voor de thee. Khamal verteld over het geloof van de Druzen. Het geloof is voortgekomen uit de shiietische islam. De Druzen geloven o.a. in reincarnatie. Mohammed is niet hun eigenlijke profeet en de Koran niet hun geschrift. Ze hebben zeven heilige boeken die de Al Hikma worden genoemd. De oudere Druzen worden ook wel wetenden (oekhal) genoemd en staan de onwetenden te woord.  We vertellen Khamal onze wens, wat betreft het fotograferen van een oude Druus. Hij helpt ons en neemt ons mee naar een man met de geestelijke rang van oekhal. Het blijkt een op sterven liggende oude man van 95 jaar te zijn en bovendien nog blind. Het is te genant om hier een foto te maken.

     

    Verdeeld Beiroet

    Na een paar dagen in het gebergte gaan we naar via Sidon terug naar Beiroet. ”Kijk, wat een akelig horloge”. Het blijkt een horloge te zijn met op de wijzerplaat de afbeelding van de Twintowers waar een vliegtuig in vliegt. Maar onze tijd vliegt en we hebben nog een paar dagen voor Beiroet.

    We naderen Beiroet over de snelweg. De snelweg duikt op een gegeven moment een tunnel in. Door de zuiging van het verkeer hebben we een behoorlijke meewind en we scheuren met een snelheid van 45km/h door de tunnel. Compleet opgefokt komen we hier levend uit. Tegen de avond maken we een wandeling over de boulevard. Hier zie je van alles rondlopen, fietsen en skaten.  De gewone gezinnen die niets in de dure restaurants willen kopen zitten langs de boulevard. Ze nemen hun eigen eten mee en creëren hele maaltijden op hun gasbrandertjes. De Miami toestanden; dure auto’s, stoere mannen en sexy vrouwen, vind je meer bij het centrum. Er zijn in Libanon voornamelijk privé-stranden waar je vet voor moet betalen als je een duik in de zee wilt nemen. Onderweg passeren we mooie aan gort geschoten Ottomaanse huizen die langs de voormalige bestandslijn tussen Oost en West Beiroet liggen. Bernard Khoury is één van de architecten in Beiroet die hele aparte gebouwen ontwerpt en laat opknappen. We bezoeken het door hem ontworpen Japans restaurant Yabani. Hier worden we verwend met de nieuwste hapjes voor niets. We wandelen naar “down town”, de dure winkelbuurt van Beiroet. Na de burgeroorlog is deze wijk opnieuw opgebouwd.  We staan nog even stil bij de pigeon rocks aan zee. De zon gaat onder. “How are you”, “Do you like Lebanon” klinkt het achter ons. Wij nemen afscheid van een verscheurd land waarin de littekens van de burgeroorlog nog duidelijk zichtbaar zijn. De gastvrije behulpzame mensen hebben een grote indruk op ons achter gelaten. Door hun harde werken zal het land binnenkort weer de status hebben van het “Parijs van het Midden Oosten”.

    July 21

    Fietsen in Georgië (2002)

    Op de grens tussen Europa en Azië Avontuurlijk fietsen in Georgië Wat de wind brengt, neemt de wind weer mee.(Georgische spreuk)
    De wind brengt ons in Georgië. De wegen zijn slecht en er zijn bijna geen toeristen. Gelukkig vinden we de gastvrijheid van de mensen en een schitterende cultuur en landschap.

    “Gaumarjos Sakartvelo” oftewel op de overwinning Georgië, klinkt het nadat de toostmeester heeft gesproken. We zitten hier bij een supra: een Georgisch eet- en drinkritueel. De toostmeester oftewel tamada houdt een preek. Tot de grote spijt wordt na het betoog de wijn in één teug opgedronken. De mensen beginnen te zingen. Tussendoor worden heerlijke gerechten gegeten. Er volgen meer toespraken en als laatst spreekt de tamada voor de overledenen en gooit een gedeelte van de inhoud van zijn glas op de grond. De wijn vloeit rijkelijk in dit land, want vele Georgiers maken hun eigen wijn. Khakheti wordt zelfs de wijnstreek van Georgië genoemd.

    Cultuurshock in Tbilisi.
    Na de supra valt het fietsen ons zwaar. We naderen Tbilisi: de hoofdstad van Georgië. “Oppassen” roep ik, “gat in de weg”. John die achter mij fietst, heeft mij gehoord. De ijzeren putdeksels zijn gestolen of verkocht, want voor ijzer krijgen ze geld. Tbilisi doet denken aan een stad in Zuid-Italië. Mensen flaneren langs de chique winkels en gezellige eethuizen. Maar de werkelijkheid is dat bijna niemand de luxe artikelen uit de mooie winkels kan betalen. In het centrum staat het lelijke hotel Iveria. Het zit vol met vluchtelingen uit Abchazië, die door de vele burgeroorlogen gevlucht zijn naar Georgië. De balkons van dit hotel zijn grotendeels dichtgetimmerd. In het hele land wonen vluchtelingen in oude Sovjethotels. In het centrum van Tbilisi worden oude huizen volop gerestaureerd. Binnenkort zal de stad bloeien. Wat ook bloeit zijn de bosjes bloemen van een oude man. Hij verkoopt ze aan automobilisten om zijn karige pensioen aan te vullen. Helaas heeft niemand belangstelling.

    Troosteloos Rustavi
    Door grauwe wijken fietsen we Tbilisi uit. Tussen de flats liggen stinkende afvalhopen. In de tijd van Chevarnadze viel in het hele land de elektriciteit regelmatig uit. Liften deden het niet en in de winter zaten de mensen in de kou. Georgië had een torenhoge rekening en daarom zetten de Russen die de toevoer van electriciteit leverden dit regelmatig stop. Vanaf een heuvel kijken we naar de stad Rustavi. Het regent en in het dal zien we honderden grauwe Oostblokflats in de nevel van regen. Boven op de heuvel is de stad het minst troosteloos. Hier ligt een groot kerkhof vol met huisjes, bloemen en kaarsen. Even verderop hoor je gezang wat het geluid van de regen overtreft. Er is een begrafenis gaande. Op het graf staat een tafel waar het eten en drinken op staat. De familie en vrienden staan er omheen. Verderop worden we aangehouden door de politie. “Paspoorten” roepen ze. De agenten hebben veel gedronken en willen onze legitimatie zien. We zijn een uur bezig omdat onze paspoorten worden in het Georgisch worden vertaald. Voor de moeite krijgen we een fles wodka mee. Via een verlaten industriegebied fietsen we naar David Gareja. Bijna alle fabrieken staan leeg. Hier en daar scharrelen herders met koeien en schapen tussen de grote fabriekshallen. De industrie in Rustavi is ingestort omdat er alleen halffabrikaten geproduceerd werden. Die halffabrikaten werden samen met andere producten uit delen van de voormalige USSR samengebouwd tot een eindproduct. Deze halffabrikaten kunnen ze nu niet meer kwijt. Net buiten Rustavi liggen kleine dorpen bevolkt door alle groepen uit Georgië. Ze werkten in de fabrieken voor een hongerloon. Er zijn veel mensen werkeloos en ze verdoen hun tijd veelal met het drinken van wodka. Mensen uit Svaneti in Noordwest Georgië wonen ook hier. De oorzaak dat ze zich hier vestigden was de armoede in hun provincie. Er is een woontoren nagebouwd, die kenmerkend is als woning voor de Svans. In het desolate gebied zoeken we een vrije kampeerplek. Hier gaan onze gedachten naar de prachtige landschappen van het land. We fietsten 3 weken met plezier naar onder andere via Gori naar Uplistsikhe een grottenstad, een belangrijke plaats aan de zijderoute. Hier vandaan naar de mooie stranden van Batumi aan de Zwarte zee. We beklommen de Jvari Ughelt, de kruispas op 2379 meter. Dit is het hoogste punt op de Georgian Militairy Highway. Vanuit hier is het prachtig fietsen naar Kazbegi. In Kazbegi maakten we een mooie wandeling maken naar de Tsminda Sameba kerk op 2170 meter hoogte. Als afsluiting van onze reis in Georgië willen we een fietstocht maken naar de kloosters in David Gareji. De kloosters uit de 6e eeuw na christus liggen in een verlaten landschap wat grenst aan Azerbeidjan.

    Aanmodderen in de bergen.
    In de bergen naar David Gareji krijgen we te maken met plakmodder. De modder komt terecht tussen de banden en het frame. Fietsen is onmogelijk. Na een paar uur modderworstelen is de enige optie om de smalle reserveband te monteren. Maar dit verbetert het wegdek niet. Eind van de dag zijn we nog steeds aan het modderen. We zien plotseling lichten van een auto. “Onze redding?” Ja, we worden opgepikt door een monnik in een versleten legerbus. We hebben schitterend uitzicht op de zonsondergang over de steppe. “Zo moet Afghanistan eruit zien”, vertelt een jonge monnik met een lange baard. Dit terrein is gebruikt als oefenterrein voor de Russische oorlog in Afghanistan en overal vind je nog resten van bommen. De volgende dag nemen we een andere route naar Tbilisi. De monniken waarschuwen ons voor grote wolven. Met frisse moed fietsen we langs vele halfnomadische nederzettingen in een prachtig berglandschap. De Azeri’s bezitten vee bewaakt door enorme honden. De Azeri’s kijken ons eerst nieuwsgierig aan. Schreeuwend en stenengooiend houden ze de honden van ons weg. We verdwalen nog een stuk omdat het pad ineens ophoudt. Door gras en modder ploeteren we zo’n zeven kilometer naar de doorgaande weg. Met de wind mee verlaten we het land met een gemengd gevoel. Georgië, een nieuwe regering, een land rijk aan cultuur en natuurschoon. Hopelijk krijgen de gastvrije mensen een goede toekomst.

     

    Fietsen in Oezbekistan

        

    Fietsen in Oezbekistan